Op zoek naar rechtvaardigheid

Bezoek aan het ICTY

Bezoek aan het ICTY

Als je in het woordenboek het woord ‘rechtvaardigheid’ opzoekt, kom je de volgende definitie tegen: ‘beginsel dat ieder als lid van de maatschappij krijgt wat hem toekomt’. De definitie lijkt simpel, maar de realiteit lijkt vaak anders. Want wat betekent het überhaupt dat ieder als lid van de maatschappij krijgt wat hem toekomt? En hoe gaan overheden en samenlevingen hiermee om? Kortom, het woord ‘rechtvaardigheid’ roept vele vragen op. Deze vragen zijn nog ingewikkelder als het gaat om de vraag naar rechtvaardigheid in de context van een oorlog. De behoefte om duidelijk te krijgen wat er is gebeurd botst dan met de roep om rechtvaardigheid.

Tijdens het seminar ‘Paths of Prejudice and Justice’, waartoe wij als vrijwilligers van ASF werden uitgenodigd aan deel te nemen, stond dit dilemma centraal. Daarbij richtte het seminar zich niet op de Tweede Wereldoorlog, zoals dit voor ASF wellicht voor de hand zou liggen, maar op de oorlogshandelingen in de landen van het voormalige Joegoslavië gedurende de jaren `90. De seminargroep bestond dan ook niet alleen uit deelnemers uit Duitsland, maar er waren ook jongeren uit Bosnië-Herzegovina, Servië, Kroatië en ook een Oostenrijkse en een Nederlandse deelnemer. Het seminar werd georganiseerd door de Anne Frank Stichting (Amsterdam) in samenwerking met ASF Nederland.

De eerste dag van het seminar begon met een kennismaking en met bijeenkomsten en discussies over het begrip ‘rechtvaardigheid’. De volgende dag stond de oorlog in voormalig Joegoslavië centraal. Het voelde een beetje alsof ik weer op school zat. Het was een beklemmend gevoel, niet omdat de wijze van kennisoverdracht me afschrikte, maar omdat hetgeen verteld werd zo onbekend voor me was. Dit gevoel van enorme onwetendheid deelde ik met veel Duitse deelnemers. Onze degelijke Duitse schoolopleiding kent wat betreft de oorlog in voormalig Joegoslavië grote hiaten. Niemand van ons beschikte over veel kennis over deze oorlog, terwijl het een oorlog was die kort geleden had plaatsgevonden en geografisch gezien heel nabij was en daarom van grote betekenis zou moeten zijn voor elke Europeaan.

Desondanks bleef het seminar boeien. Dit bewees hoe goed de kennis werd overgedragen. Dit hielp ook de – soms emotionele - verhalen van de deelnemers uit landen van voormalig Joegoslavië beter te kunnen begrijpen. Hoogtepunt van het seminar was het bezoek aan het ICTY (International Criminal Tribunal for the former Yugoslavia) in Den Haag. Hier hadden we de gelegenheid het proces tegen Ratko Mladic bij te wonen. Ratko Mladic was de leider van het Bosnisch-Servische leger en wordt verantwoordelijk gehouden voor vele oorlogsmisdaden, waaronder de massamoord in Srebrenica.

Daar zat ik plotseling als toeschouwer te luisteren naar het verhoor van een getuige. De getuige – een mij niet bekende soldaat van het Servische leger, beantwoordde de vragen van de aanklager; vragen waarvan mij de samenhang niet geheel duidelijk was. Weliswaar kende ik de gebeurtenissen waar de vragen betrekking op hadden, maar de precieze afloop en de details ontbraken om alles goed te kunnen volgen. Mladic zelf zat haast onberoerd het verhoor te volgen. Een droge, kille blik – een typische misdadiger, zo leek me. Haat en diepe afgronden van de menselijkheid meende ik aan zijn gezicht en houding te kunnen aflezen. Hierdoor kon ik makkelijker mijn emoties met mijn geweten in het reine brengen. Maar toch was daar de vraag naar rechtvaardigheid. Hoeveel en wat voor soort rechtvaardigheid heeft dit strafhof te bieden aan de doden, de gewonden en hun nabestaanden? Mijn gedachten draaiden in een kringetje rond met als conclusie dat rechtvaardigheid een mooi streven is, maar vaak een onbereikbaar doel blijft.

Het seminar sloot af met een beschouwing over het heden en de toekomst van de landen van het voormalig Joegoslavië. Zo discussieerden we over de grote etnische problemen die er nog steeds zijn. Aan de andere kant beseften we dat in deze landen het potentieel en de hoop aanwezig zijn om hun problemen op te lossen. Toen besefte ik ook het belang van het ICTY, omdat dit tribunaal wel degelijk rechtvaardigheid naderbij kan brengen. Rechtvaardigheid kan er misschien nooit echt zijn, maar wel als symbool: een appèl om van het verleden te leren om zo hoopvol aan de toekomst te kunnen bouwen.

Paul Seidel
ASF vrijwilliger De Regenboog (2014-15)